De werking van de lever

De lever is een veelzijdig orgaan bij zowel gewervelde dieren als mensen. Dit orgaan bevindt zich onder het middenrif en strekt zich uit over de gehele breedte, waarbij het dikste deel aan de rechterzijde ligt. De lever weegt ongeveer anderhalve kilogram. Traditioneel wordt de lever, op basis van oppervlaktekenmerken, verdeeld in vier kwabben. Verder speelt de lever een cruciale rol in het metabolisme, en is het betrokken bij de stofwisseling van vetten, koolhydraten en eiwitten.

Typisch voor de lever zijn de sinusoïden, dit zijn wanden in de haarvaten van de lever die grotere moleculen, zoals overtollig cholesterol, uit het bloed kunnen opnemen. Levercellen zijn de enige cellen die rechtstreeks met het bloed en de inhoud ervan samenwerken. De sinusoïden spelen een belangrijke rol bij het reguleren van het cholesterolgehalte in het bloed, afgestemd op de behoeften van het lichaam.

De lever bestaat uit verschillende kwabben die gevormd worden door hepatocyten of levercellen. Rond elke kwab bevinden zich vertakkingen van de poortader, de leverslagader, en de galbuis. Een centraal adertje voert het bloed naar het hart. Elke kwab bevat gespecialiseerde cellen die verantwoordelijk zijn voor de verschillende chemische functies van de lever.

De grondstoffen die de lever verwerkt, komen binnen via de poortader. Per minuut stroomt anderhalve liter bloed door deze ader de lever in, afkomstig uit de haarvaten rond maag, darmen, milt en alvleesklier. Dit bloed bevat de verteerde voedingsstoffen uit de spijsverteringsorganen: aminozuren uit de vertering van eiwitten, glucose uit de vertering van koolhydraten, vetzuren uit de vertering van vetten, en ook vitamines en mineralen.

Voedselrijk bloed uit de dunne darm komt de leverkwab binnen via de poortader. Dit bloed wordt door de levercellen verwerkt terwijl het via kanaaltjes in de leversinusoïde naar het centrale adertje stroomt. Zuurstofarm en verwerkt bloed met opgenomen voedingsstoffen stroomt uiteindelijk vanuit de kwab terug naar het hart. De gal die door de levercellen wordt geproduceerd, komt in kleine afvoerwegen terecht die uitmonden in de galbuis.

De lever ontvangt rechtstreeks de opgenomen voedingsstoffen uit de darmen om deze lichaamseigen te maken. Daarnaast worden sachariden en hormonen afgebroken, en speelt de lever een belangrijke rol bij de detoxificatie van het lichaam door het bloed te ontgiften.

De lever produceert gal, dat via de grote galwegen naar de dunne darm wordt getransporteerd en daar de opname van vetten, vitamines en mineralen bevordert. Wanneer de gal in de darmen niet nodig is, wordt het opgeslagen in de galblaas totdat het weer nodig is. Gal helpt ook bij het verwijderen van gifstoffen uit het lichaam.

De lever produceert veel energie in de vorm van lichaamswarmte en cholesterol, waaronder LDL-cholesterol. LDL-cholesterol vervult een belangrijke functie bij het transport van waardevolle omegavetzuren door het lichaam, voor meer informatie, zie het artikel over cholesterol.

De lever fungeert ook als een opslagruimte voor ijzer, glycogeen (dit is een reservesuiker en lichaamseigen polysacharide), en vitaminen. Het orgaan is verantwoordelijk voor de opbouw, opslag en afbraak van energierijke stoffen.

Het leverparenchym vormt het grootste deel van de lever en bestaat voornamelijk uit hepatocyten, de functioneel belangrijkste cellen van de lever. Het leverparenchym, dat uit intestinaal cilinderepitheel bestaat, is afkomstig van het endoderm en wordt daarom aangestuurd vanuit de hersenstam.

Het biologische conflict met betrekking tot het endodermale leverparenchym

In overeenstemming met evolutionaire redenen zijn brokconflicten de primaire thema’s die worden geassocieerd met organen van endodermale oorsprong.

De onbewuste geest kan geen onderscheid maken tussen een voedingsbrok die over echt voedsel gaat of een mentale voedingsbrok, waarbij men zich machteloos voelt om zichzelf of degenen waarvoor men verantwoordelijk is, van voedsel te voorzien. Het conflict draait om het leed van onvoldoende voeding te kunnen opnemen. Het lichaam reageert altijd op het subjectieve gevoel dat ontstaat als het conflict tegelijkertijd inslaat in de psyché, de hersenen en het orgaan.

Het heeft te maken met de angst voor ontberingen, nood en een algemeen voedseltekort, zowel voor het eigen bestaan als voor anderen waarvoor je je verantwoordelijk voelt. Het gaat om de angst om te weinig te eten te hebben.

Een mens kan dus in reële termen aan een verhongeringsconflict lijden als gevolg van een gebrek aan voedsel. Zaken zoals op een streng dieet worden gezet, niet worden toegestaan om je favoriete voedsel te eten, de diagnose darmkanker die vaak geassocieerd wordt met het voedsel niet door de darm kunnen krijgen, het dragen van een stoma, verlies van eetlust en overmatig braken tijdens chemobehandelingen of onbedoeld gewichtsverlies, kunnen het conflict veroorzaken.

Een hongersnood kan ook worden veroorzaakt wanneer men, onverwachts, in een situatie geraakt waarin men de eindjes niet meer aan elkaar kan knopen, zoals bijvoorbeeld door ontslag, demotie, verlies van een bedrijf of faillissement, het verlies van klanten, een onverwachte huurverhoging, een ruïnerende echtscheiding, de inbeslagname van eigendommen, het verlies van spaartegoeden, financiële schulden of het verlies van een familielid waarvan men financieel afhankelijk was.

De conflictactieve fase

Evenredig aan de intensiteit en de duur van het conflict zullen de hepatocyten zich vermenigvuldigen. Dit proces start na de DHS of de conflictinslag. Het biologische doel van de weefselvermeerdering is om de functie van de lever te verhogen, zodat de kleinste voedingsdeeltjes optimaal kunnen worden benut.

Met meer leverweefsel van het absorptieve type (vlakgroeiend) wordt voeding beter verwerkt, waardoor er meer energie wordt geproduceerd om het verhongeringsconflict te overleven. Ook de stofwisseling wordt gestimuleerd. Met meer leverweefsel van het secretorische type wordt er meer gal gevormd, wat de pancreasenzymen activeert en de vertering van voedsel verbetert, waardoor de opname van voedingsstoffen toeneemt. Beide soorten tumoren helpen dus om meer uit het schaarse voedsel te halen, de verhongering te verminderen en het overleven te verzekeren.

Bij langdurige conflictactiviteit (= hangend conflict) ontwikkelen zich ‘leverknobbeltjes’ of nodules, aangeduid als leverkanker (= hepatocellulair carcinoom) als gevolg van de voortdurende celvermeerdering. Meestal zijn de knobbels vlakgroeiend (absorptietype); zelden nemen ze een bloemkoolachtige vorm aan (secretoire type). Als de mate van de celdeling een bepaalde grens overschrijdt beschouwt de conventionele geneeskunde de kanker als kwaadaardig. Goedaardige leverknobbels worden ook wel Focale Nodulaire Hyperplasie (FNH) genoemd.

Opmerking: een enkel (solitair) leverknobbeltje vormt zich als iemand de dreiging van verhongering ervaart met of voor een andere persoon (een familielid, een geliefde vriend, een huisdier); er ontwikkelen zich twee knobbeltjes voor twee personen, drie knobbeltjes voor drie personen, enz. Meerdere leverknobbeltjes die de gehele lever bedekken geven aan dat het verhongeringsconflict betrekking heeft op zichzelf. Dit principe is ook van toepassing op longknobbeltjes.

De helingsfase

Na de oplossing van het conflict worden TBC-mycobacteriën en schimmels geactiveerd om het overtollige hulpweefsel (= leverkanker) af te breken, wat leidt tot een normalisering van de leverfunctie. Deze tuberculeus-verkazende afbraak gaat gepaard met warme symptomen zoals pijn door zwelling van de lever en nachtelijk zweten, soms met lichte koorts en ontsteking van de lever. Tijdens de epileptoïde crisis ervaart men rilkoorts en intense leverpijn.

De leverbloedparameters liggen binnen het normale bereik. Een leverabces is een leverknobbel gevuld met etter. Wat in het algemeen een leververvetting wordt genoemd, verwijst in GNM-termen naar vetafzettingen in een genezende lever.

Levertuberculose, wat duidt op de activiteit van TBC-bacteriën, komt veel vaker voor in regio’s met hongersnood, zoals in Afrika. De correlatie tussen tuberculose en armoede werd al eerder opgemerkt door medische historici. In de westerse wereld, waar tuberculose zou moeten zijn uitgeroeid, wordt levertuberculose tegenwoordig leverkanker genoemd. De namen van de ziekte zijn veranderd, maar de symptomen niet.

Wanneer het conflict zich herhaalt of recidiveert, kunnen zich bindweefselkapsels met etter vormen, wat men een leverabces noemt. Na volledig herstel kunnen er kalkresten ontstaan en achterblijven, wat leververkalking wordt genoemd.

Opmerking: de lever is het enige orgaan dat zichzelf kan regenereren door nieuw leverweefsel aan te maken. Zie ook de mythe van Prometheus: volgens een Griekse mythe werd de Titaan Prometheus als straf van Zeus aan een rotswand vastgeketend, waar hij dagelijks werd bezocht door een adelaar die een deel van zijn lever opat. Omdat de lever ’s nachts weer aangroeide, was hij gedoemd deze straf tot in eeuwigheid te ondergaan.

Wanneer de genezing echter langdurig is (= hangende genezing) en voortdurend wordt onderbroken door conflictrecidieven, laat het voortdurende proces van ontbinding holtes achter in de lever. Levercysten, ook wel polycystische leverziekte genoemd, ontstaan wanneer de holtes worden gevuld met vocht als gevolg van een actief verlatingsconflict of bestaansconflict (= het Syndroom, voor meer informatie, zie het artikel over de nierverzamelbuizen).

Vocht dat wordt vastgehouden in de genezende lever leidt tot een vergrote lever of hepatomegalie, vaak met ascites die wordt veroorzaakt door overtollig vocht in het buikvlies. Een grote zwelling dichtbij het grote leverkanaal heeft als risico een mechanische obstructie van de galweg, met symptomen die kenmerkend zijn voor geelzucht. Acute complicaties ontstaan wanneer de zwelling de poortader comprimeert. In dit geval is een operatie een must.

In onze maatschappij leidt antibioticamisbruik ertoe dat de benodigde TBC-bacteriën niet beschikbaar zijn om de leverknobbeltjes af te breken. Het lichaam is intelligent en kapselt deze knobbeltjes vervolgens in met bindweefsel. Dit wordt vaak ontdekt tijdens routineonderzoeken, wat het aantal gedetecteerde tumoren tijdens medische onderzoeken doet toenemen.

De verzorging van de lever

De lever is een orgaan dat 24 uur per dag actief is, met een hogere intensiteit tijdens de nachturen. Het is zeer belangrijk om het dag- en nachtritme te respecteren om de detoxificatie te stimuleren.

Vermindering en geleidelijk stoppen met chemische medicatie (onder begeleiding van je arts), alcohol, drugs en geraffineerde producten zoals suiker en oliën is essentieel. Het is belangrijk om een dagelijkse routine te volgen, waarbij de grootste maaltijd rond het middaguur wordt genuttigd en een lichte maaltijd ’s avonds. Te laat en te veel eten in de avonduren belemmert een optimale vertering, waardoor koolhydraten kunnen vergisten en eiwitten een chemisch rottingsproces kunnen ondergaan. Dit heeft een verergerend effect op de lever.

Overweeg een lever en galreiniging zoals beschreven door dr. Andreas Moritz (de ongelooflijke lever- en galblaaszuivering” ISBN 9789079872220). Laat je ondersteunen door een goede therapeut of arts die hiermee bekend is.

Een waardevolle plant die de hefboom ondersteunt is Picrorhiza kurroa (schijnereprijs, Kutki of Katuki) en komt oorspronkelijk uit de Himalaya (Nepal). Deze robuuste bergplant groeit boven de 3000 meter op de hellingen van de Himalaya. Het zijn de ondergrondse wortels en knollen die geoogst worden om hun medicinale werking. Schijnereprijs heeft een extreem bittere smaak met een beetje scherp.

Vermijd voedselcombinaties zoals brood met zoet beleg. Eet fruit afwisselend van de maaltijd en vervang koemelk of zuivel.

Drink veel water in de ochtend en de voormiddag, maar niet tijdens het eten om te voorkomen dat de spijsverteringsenzymen veel worden verdund.

Gebruik veel bittere smaken gecombineerd zoals kurkuma, lange peper en rozemarijn. Daarnaast is venkel en saffraan zeer waardevol voor de lever. Saffraan is rijk aan vitamine B12.

Drink thee van alsem, weegbree, mariadistel, venkel, agrimonie, duizendguldenkruid, paardenbloem (wortel), cichorei en klitwortel.

Andere kruiden die de leverwerking ondersteunen:

– Glycyrrhiza glabra of zoethout

– Tinospora cordifolia of Guduchi

– Commiphora mukul of Guggul

– Piper longum of lange peper

– Eclipta alba of valse margriet

– Emblica officinalis of Indiase kruisbes

– Phyllanthus niruri of steenbreker

Met dank aan: Caroline Markolin, PH.D. https: //LearningGNM.com

Arjen Lievers https://www.germaansegeneeskunde.nl/index_ziekten_gnm/

Dr. Geerd Ryke Hamer

Gepubliceerd op 17/10/2026

Daniël Derweduwen

Delen:

 

Gerelateerde Publicaties

 

  • Nierbekkenontsteking (peylonefritis)Een nierbekkenontsteking, ook wel pyelonefritis genoemd, is een ontsteking van het nierbekken en vaak ook van het omliggende nierweefsel. De ontsteking kan zich voordoen in één nier of in beide nieren.Wat is het nierbekken?De nieren spelen een belangrijke rol bij het filteren van het bloed, het verwijderen van afvalstoffen en het reguleren van de vocht- en zoutbalans. In iedere nier bevindt zich een nierbekken (pelvis renalis). Dit is een trechtervormige ruimte waarin de geproduceerde urine wordt verzameld. Vanuit het nierbekken stroomt de urine via de urineleider (ureter) naar de blaas, waar ze tijdelijk wordt opgeslagen voordat ze het lichaam [...]

    By Published On: 17/10/2026
  • Sclerodermie: wanneer de huid en het bindweefsel verhardenSclerodermie is een verzamelnaam voor een groep aandoeningen waarbij verharding en verdikking van de huid en het bindweefsel op de voorgrond staan. De naam is afkomstig uit het Grieks: skleros betekent “hard” en derma betekent “huid”. Letterlijk kunnen we sclerodermie dus vertalen als “harde huid”.Binnen de reguliere geneeskunde wordt sclerodermie beschouwd als een chronische auto-immuunziekte. Men gaat ervan uit dat het immuunsysteem ontregeld raakt en ontstekingsprocessen veroorzaakt, waarbij onder andere de kleine bloedvaten en het omliggende weefsel betrokken kunnen zijn. Tegelijk worden bepaalde bindweefselcellen, de fibroblasten, overmatig actief. Zij produceren meer collageen dan [...]

    By Published On: 05/10/2026
  • Wratten, kleine huiduitstulpingen met een bijzonder verhaal Wratten zijn harde knobbeltjes op de huid. Ze voelen vaak ruw en bobbelig aan en kunnen sterk verschillen in grootte en vorm. Sommige zijn vrijwel vlak, terwijl andere duidelijk boven de huid uitsteken en door hun onregelmatige oppervlak een beetje op een heel kleine bloemkool lijken. Wratten komen vooral voor op de handen, vingers en voeten, maar kunnen in principe op verschillende plaatsen van het lichaam ontstaan. Soms verschijnt er maar één wrat, soms ontstaan er meerdere bij elkaar. Een gewone wrat doet meestal geen pijn. Dat kan anders zijn wanneer een wrat [...]

    By Published On: 04/09/2026