Cellulitis en cellulite

Cellulite

Het zijn wee verschillende aandoeningen en twee verschillende biologische processen. Wie de woorden cellulite en cellulitis naast elkaar ziet staan, zou gemakkelijk kunnen denken dat het om twee benamingen voor hetzelfde verschijnsel gaat. Toch verwijzen ze naar twee heel verschillende processen.

Cellulite kennen we vooral als de zogenaamde sinaasappelhuid: de huid krijgt een bobbelige structuur met kleine putjes en verhevenheden, meestal ter hoogte van de dijen, billen en heupen. Cellulite is op zichzelf geen ontsteking en ook geen ziekte. Het verschijnsel ontstaat door de manier waarop huid, onderhuids vetweefsel en bindweefsel ten opzichte van elkaar georganiseerd zijn.

Cellulitis daarentegen is iets totaal anders. Hierbij gaat het om een ontsteking en actieve microben van de huid en het onderliggende weefsel. De huid kan rood, warm, gezwollen en pijnlijk worden. Het getroffen gebied is gezwollen en ontstoken, met name wanneer bacteriën het genezingsproces ondersteunen. Vanuit de reguliere geneeskunde wordt cellulitis doorgaans beschouwd als een bacteriële infectie, vaak nadat bacteriën via een beschadiging van de huid zijn binnengedrongen.

De betekenis vanuit de Germaanse geneeskunde

Het vetweefsel vormt een belangrijke laag onder de huid, het onderhuidse of subcutane vetweefsel, en bevindt zich eveneens rond de inwendige organen, waar we spreken van visceraal vetweefsel. Vetweefsel dient onder andere voor isolatie, bescherming en de opslag van energie.

Naast vetcellen bevat het weefsel ook bindweefselstructuren, waaronder collageen- en elastische vezels. Juist die samenhang tussen vetweefsel en bindweefsel wordt belangrijk wanneer we straks naar cellulitis en cellulite kijken.

Binnen de zienswijze van de Germaanse geneeskunde worden zowel het vetweefsel als het bindweefsel tot het nieuw-mesodermale kiemblad gerekend en gekoppeld aan aansturing vanuit het hersenmerg. Beide weefsels vervullen ondersteunende en beschermende functies binnen het organisme.

In het hersenmerg wordt het vetweefsel van de rechterkant van het lichaam vanuit de linkerkant van de hersenen aangestuurd; het vetweefsel van de linkerkant wordt aangestuurd vanuit de rechter hersenhelft. Daarom is er een kruislings verband tussen de hersenen en het orgaan.

Opmerking: De botten, skeletspieren, lymfevaten en lymfeklieren, bloedvaten, bindweefsel en het vetweefsel delen hetzelfde hersenrelais en daarom hetzelfde biologische conflict, namelijk een eigenwaarde-inbreuk conflict. De bedieningscentrales zijn van top tot teen ordelijk gepositioneerd.

Het biologisch conflict

Het biologische conflict dat verband houdt met het vetweefsel is een licht eigenwaarde-inbreuk conflict of verlies van eigenwaarde. De specifieke eigenwaarde-inbreuk conflicten zijn dezelfde als voor de botten en gewrichten. Hier speelt vooral de plaatselijke beleving van het lichaam een belangrijke rol.

Een belangrijke nuance daarbij is de esthetische eigenwaarde-inbreuk. Een bepaald lichaamsdeel wordt als niet mooi, misvormd, te dik, te dun of onvoldoende aantrekkelijk ervaren. Iemand kijkt als het ware naar een deel van zichzelf en ervaart: dit deel van mijn lichaam is niet goed zoals het is.

In de natuur bestaat uiteraard geen schoonheidsideaal zoals de mens dat cultureel heeft ontwikkeld. Een dier beoordeelt zijn lichaam niet voor de spiegel als te dik of te dun. Bij de mens kan het lichaamsbeeld daarentegen een grote psychologische betekenis krijgen. Wat als onesthetisch wordt ervaren, kan daarom analoog worden beleefd aan een vorm van misvorming of plaatselijke minderwaardigheid.

Omdat het netwerk van bindweefsel door vrijwel het gehele lichaam loopt, kan de precieze locatie waar iemand deze eigenwaarde-inbreuk ervaart van belang zijn. Het hoeft dus niet alleen te gaan om “ik ben niet mooi”, maar kan veel specifieker worden beleefd: “mijn buik is niet mooi”, “mijn benen zijn te dik” of “mijn dijen zien er niet goed uit.”

Daarnaast kan er een nuance van bescherming en opvulling aanwezig zijn: het gevoel dat een bepaald lichaamsdeel onvoldoende opgevuld, ondersteund of beschermd is.

Bij vrouwen komt daar nog een bijzonder aspect bij. Het vrouwelijke bindweefsel is van nature anders georganiseerd en doorgaans soepeler dan dat van mannen, onder andere vanwege de noodzakelijke rekbaarheid tijdens zwangerschap en bevalling. Binnen een symbolische of psychologische beleving kunnen thema’s als vrouwelijkheid, zachtheid, aantrekkelijkheid en lichamelijke vormen daardoor eveneens een rol spelen.

Zo kan een vrouw haar heupen, dijen of benen sterk verbinden met haar vrouwelijkheid en aantrekkelijkheid. Na een teleurstelling in een relatie kan bijvoorbeeld de behoefte ontstaan haar vrouwelijkheid opnieuw te bevestigen of te accentueren.

Hetzelfde geldt voor heel concrete ervaringen. Een vrouw kan zich jarenlang schamen voor haar dikke benen. Een man kan zich na een bezoek aan de sauna bespot of vernederd voelen vanwege zijn buik. Het doorslaggevende element binnen deze conflictbenadering is dan niet de objectieve lichaamsvorm, maar hoe de persoon deze zelf heeft ervaren.

Ook seksuele ervaringen kunnen onderdeel worden van zo’n plaatselijke lichaamsbeleving. Wanneer een vrouw bijvoorbeeld intimiteit beleeft met een partner bij wie zij zich seksueel niet veilig, gewenst of gerespecteerd voelt, kan zij haar dijen, heupen of andere lichaamsdelen vervolgens negatief gaan beleven.

Ook na een operatie, verwonding of ongeval kan een eigenwaarde-inbreuk ontstaan die specifiek betrekking heeft op de beschadigde plaats. Een litteken kan bijvoorbeeld voortdurend herinneren aan het gevoel dat het lichaam daar beschadigd, misvormd of niet meer mooi is. Bij littekenwoekering zou daarom eveneens gekeken worden naar zowel de daadwerkelijke weefselbeschadiging als de individuele betekenis die iemand eraan geeft.

Wanneer we specifiek naar cellulite kijken, wordt binnen deze visie dus vooral onderzocht of er een plaatselijke esthetische eigenwaarde-inbreuk meespeelt: “Ik vind mezelf op deze plaats niet mooi.”

Of het conflict het vetweefsel van de rechter- of linker zijde van het lichaam betreft, wordt bepaald door de handigheid van een persoon en of het conflict moeder/kind of partnergerelateerd is. Een gelokaliseerd conflict beïnvloedt het vetweefsel dat zich het dichtst bij de plek bevindt die werd geassocieerd met het eigenwaarde-inbreuk conflict.

De conflictactieve fase

De conflictactieve fase wordt gekenmerkt door plaatselijke necrose, ofwel weefselverlies, van het onderhuidse vet- en/of bindweefsel op de plaats die met de eigenwaarde-inbreuk wordt geassocieerd.

De genezingsfase

Na de oplossing van de eigenwaarde-inbreukstart de helingsfase (PCL). Tijdens het eerste deel van deze fase, de PCL-A, wordt het weefselverlies dat tijdens de conflictactieve fase is ontstaan hersteld door weefselvermeerdering. Tegelijkertijd ontstaat er zwelling door oedeem, doordat zich in het genezende gebied vocht ophoopt. dat zien we terug in alle genezingsprocessen: zwelling.

Afhankelijk van de intensiteit en de duur van de conflictactieve fase variëren de vergroeiingen in grootte. Een gelijktijdig actief bestaans- of vluchtelingenconflict, met betrekking tot de nierverzamelbuizen, kan de vochtophoping aanzienlijk kan versterken.

Lipoom

Een lipoom is een vetweefselachtige vorming met als doel het herstel van de als normaal ervaren lichaamsvorm. Een lokale zwelling presenteert zich als een lipoom (qua uiterlijk lijkt een lipoom op een neurofibroom). Bijvoorbeeld conform het gevoel “ik ben te dik” maakt het lipoom nog dikker = onbiologisch, alleen bij de mens voorkomende vicieuze cirkel. bij aanwezigheid van een actief bestaansconflict (syndroom) hangende lipomateuze genezing.

Xanthomen

Kleine gelige vetachtige verdikkingen worden xanthomen genoemd. Het betroffen gebied onthult met welk deel van het lichaam het eigenwaarde-inbreuk conflict werd geassocieerd.

Cellulite ofwel de sinaasappelhuid

Cellulite, ook wel sinaasappelhuid genoemd, geeft de huid een typisch ingedeukt en bobbelig uiterlijk. Het lijkt alsof zich vlak onder de huid kleine kussentjes of buideltjes bevinden. Dit moet worden onderscheiden van een losse of gerimpelde huid die bijvoorbeeld door het natuurlijke verouderingsproces kan ontstaan.

Cellulite komt bijzonder vaak voor bij vrouwen en kan al op jonge leeftijd zichtbaar worden. Vooral dijen, billen en heupen zijn typische plaatsen.

Zoals we gezien hebben bij het biologisch conflict is er een interessante psychologische wisselwerking. Een vrouw kan haar dijen of billen bijvoorbeeld als “te dik” of onaantrekkelijk ervaren. Zo’n beleving kan een plaatselijke esthetische eigenwaarde-inbreuk kunnen vertegenwoordigen.

Wanneer vervolgens de sinaasappelstructuur zichtbaarder wordt, kan juist het uiterlijk ervan opnieuw aanleiding geven tot een negatieve beoordeling: “Mijn benen zijn lelijk.” “Mijn huid ziet er verschrikkelijk uit.” “Ik schaam mij voor mijn dijen.”

Zo ontstaat een vicieuze cirkel van eigenwaarde-inbreuken: men vindt een lichaamsdeel niet mooi, waarna veranderingen aan datzelfde lichaamsdeel de negatieve lichaamsbeleving verder versterken.

Cellulitis is niet hetzelfde als cellulite

Bij cellulitis zien we geen gewone sinaasappelhuid, maar een gebied dat rood, warm, gezwollen en vaak pijnlijk is. De ontsteking ontstaat met name wanneer bacteriën het genezingsproces ondersteunen.

Een eigenwaarde-inbreuk die met een been wordt geassocieerd, heeft bijvoorbeeld de gevoelsmatige betekenis van: “Ik kan niet meekomen.” “Ik kan het niet bijbenen.” “Mijn benen zijn niet goed genoeg.”

Dat kan letterlijk worden beleefd, bijvoorbeeld bij lichamelijke prestaties, maar ook figuurlijk, wanneer iemand het gevoel heeft maatschappelijk, professioneel of binnen een relatie niet te kunnen volgen.

De luxegroep met het biologisch doel

Vet- en bindweefsel behoren binnen de GNM tot de zogenoemde nieuw-mesodermale ‘luxegroep’. Tot deze groep worden onder andere ook botten, spieren, pezen, lymfevaten en lymfeklieren gerekend. Kenmerkend voor deze groep is dat het biologische doel aan het einde van de helingsfase ligt. Nadat het genezingsproces is voltooid, is het orgaan of weefsel sterker dan voorheen, wat het mogelijk maakt om beter voorbereid te zijn op een conflict van dezelfde soort.


Interessant is dat ook de Ayurveda een duidelijk onderscheid maakt tussen cellulite en cellulitis. Binnen het Ayurvedische model wordt vetweefsel beschouwd als een van de zeven belangrijke weefsels waaruit het lichaam is opgebouwd. Het heeft daarbij onder andere een ondersteunende, beschermende en opbouwende functie.

Waar de GNM bij cellulite het accent legt op de eigenwaarde-inbreuk en het daaropvolgende weefselproces, kijkt Ayurveda vooral naar de toestand van het vetweefsel, de stofwisseling en een mogelijke ophoping of stagnatie van vocht en afvalstoffen.

Een traditionele behandeling die hierbij wordt toegepast is Udvartana, een stevige massage waarbij het lichaam met kruidenpoeders wordt ingewreven. Ook het droogborstelen wordt veel toegepast en heeft een ondersteunend effect

Ook bij cellulitis maakt Ayurveda een duidelijk onderscheid met cellulite. Cellulitis wordt daarbij beschreven als een proces waarbij ontstekingsverschijnselen zoals roodheid, warmte, zwelling en pijn op de voorgrond staan.

Met dank aan: Caroline Markolin, PH.D. https: //LearningGNM.com

Arjen Lievers https://www.germaansegeneeskunde.nl/index_ziekten_gnm/

Dr. Geerd Ryke Hamer

Gepubliceerd op 28/08/2026

Daniël Derweduwen

Delen:

 

Gerelateerde Publicaties

 

  • Acromegalie: Wanneer het lichaam blijft groeienAcromegalie is een aandoening die te maken heeft met een overmatige werking van het groeihormoon en waarbij de hypofyse een centrale rol speelt.Maar om acromegalie goed te kunnen begrijpen, moeten we eerst even kijken naar dit bijzondere kleine orgaantje en naar de bijzondere samenwerking tussen de hypothalamus en de hypofyse. Twee kleine structuren diep in onze hersenen die samen een belangrijke schakel vormen tussen het zenuwstelsel en het hormonale systeem.De hypofyse is een endocriene klier, wat betekent dat zij haar hormonen rechtstreeks aan het bloed afgeeft. Ze bevindt zich aan de basis van de hersenen, [...]

    By Published On: 24/08/2026
  • De megalomane constellatieWat is megalomanie?Megalomanie, ook wel grootheidsdenken of grootheidswaan genoemd, verwijst naar een sterk overdreven gevoel van eigenwaarde en belangrijkheid. Iemand ervaart zichzelf als uitzonderlijk, superieur of bijzonder machtig en kan een onrealistisch geloof ontwikkelen in zijn eigen talenten, kennis, invloed, status of vermogens.Kenmerkend is dat het beeld dat iemand van zichzelf heeft niet meer in verhouding staat tot de werkelijkheid. De persoon kan ervan overtuigd zijn méér te weten, méér te kunnen of belangrijker te zijn dan anderen. In uitgesproken vormen kan dit uitgroeien tot het gevoel voorbestemd te zijn voor een uitzonderlijke taak, over bijzondere gaven te [...]

    By Published On: 24/08/2026
  • Urine-incontinentie, urineverlies en endodermale blaaskanker Functie van de blaas De urineblaas is een hol, gespierd orgaan dat dient als tijdelijk reservoir voor de urine die voortdurend door de nieren wordt geproduceerd. De urine bereikt de blaas via de urineleiders en wordt daar opgeslagen totdat het moment van urineren aanbreekt. De wand van de blaas bevat een krachtige spierlaag, de blaasspier (m. detrusor vesicae). Wanneer de blaas zich vult, kan deze spierwand zich ontspannen en uitrekken, waardoor het volume van de blaas toeneemt. Tijdens het plassen gebeurt het tegenovergestelde: de blaasspier trekt samen en verhoogt zo de druk in de blaas, [...]

    By Published On: 17/08/2026