De ziekte van Raynaud
Bij de ziekte van Raynaud bereikt onvoldoende bloed één of meer vingers of tenen, wat leidt tot een koud, verdoofd en pijnlijk gevoel. De oorzaak ligt echter niet bij de gladde spieren van de fijne slagaders zelf, maar bij een intens scheidingsconflict dat invloed heeft op het botvlies.
Het botvlies, ook wel periost genoemd, bedekt het buitenoppervlak van alle botten, behalve de gewrichten (die zijn bedekt met kraakbeen) en de plekken waar spieren via pezen, gewrichtsbanden en ligamenten aan de botten hechten. In een vroeg stadium van de ontwikkeling is het botvlies bekleed met een laag plaveiselepitheel. Tijdens de foetale ontwikkeling, specifiek in de eerste twee weken van de zwangerschap, degenereert deze epitheellaag, omdat de spieren, gewrichtsbanden, pezen en de huidlagen (lederhuid en opperhuid) de botten extra steun bieden. Wat overblijft, is een gevoelig netwerk van zenuwen.

Dit neurale netwerk in het botvlies bestaat uit twee lagen:
De onderste laag van het botvlies registreert pijn die ontstaat door zwelling tijdens de genezingsfase van het bot. Dit is niet relevant bij de ziekte van Raynaud, maar wel bij aandoeningen zoals osteosarcoom, waar zwelling een kenmerk is van de helingsfase van het bot.
De bovenste laag van het botvlies veroorzaakt reumatische pijn en is ook verantwoordelijk voor de kenmerkende wit-verkleuring die optreedt bij de ziekte van Raynaud.
De botvlieszenuwen zijn afkomstig van het ectoderm en worden aangestuurd door de post-sensorische cortex in de hersenschors. De zenuwvoorziening van het hele botvlies is verbonden met het ruggenmerg ter hoogte van de cervicale wervelkolom. De handigheid is van toepassing.
Opmerking: De botvlieszenuwen van het harde hersenvlies worden aangestuurd vanuit de pre-motorische cortex.
Biologisch conflict
Het biologische conflict dat samenhangt met het botvlies, is een ernstig scheidingsconflict. Naast seksuele frustratie en territoriumconflicten vormt scheiding een primair conflict-thema dat wordt geassocieerd met weefsels van ectodermale oorsprong. Deze weefsels worden aangestuurd vanuit de sensorische cortex, de pre-motorische sensorische cortex en de post-sensorische cortex.
In vergelijking met een scheidingsconflict dat betrekking heeft op de huid, wordt het scheidingsconflict dat verband houdt met de botvlieszenuwen als dramatischer, brutaler of wreder ervaren. Afhankelijk van de specifieke conflictsituatie kan de scheiding verbonden zijn met:
- Armen: Niet in staat zijn om een geliefd persoon of huisdier vast te houden.
- Handen: Een geliefde die “door de vingers is geglipt.”
- Benen en enkels: Iemand willen wegtrappen.
- Voeten en tenen: Een ongewilde verhuizing.
- Botvlieszenuwen rond de oogholte: Een visueel scheidingsconflict, zoals het verlies van iemand “uit het oog.”
Net als bij de opperhuid kan het conflict ook gaan over het verlangen om gescheiden te zijn van een persoon of plek. Bij de ziekte van Raynaud gaat het om een intens ervaren scheidingsconflict.
Opmerking: Het scheidingsconflict met betrekking tot de botvlieszenuwen heeft uitsluitend betrekking op de scheiding van een individu (mens) of dier, zoals een huisdier, en niet op voorwerpen (bijvoorbeeld sieraden, een auto of huis) of een scheiding van een territorium. Dit behoort tot een territoriumverliesconflict met betrekking tot de kransslagaderen.
De conflictactieve fase
Het botvlies volgt het strotslijmvlies sensibiliteit schema. Dit houdt in dat er sprake is van overgevoeligheid tijdens zowel de conflictactieve fase als de epileptoïde crisis, terwijl er tijdens de genezingsfase juist een verlies van gevoel of een doof gevoel optreedt.

Het botvlies en de bloedvaten worden beide aangestuurd door zenuwen die via de sympathische grensstrengen langs de wervelkolom lopen. Tijdens de conflictactieve fase (sympathicotonie) van een intens scheidingsconflict waarbij het botvlies is betrokken, treedt er een vernauwing van de haarvaten op. Deze vernauwing beperkt de bloedcirculatie, wat een kenmerkend effect is van verhoogde sympathische activiteit in dit soort conflicten. Dit mechanisme speelt een belangrijke rol bij het begrijpen van de ziekte van Raynaud.
Tijdens de conflictactieve fase van het botvlies is er echter geen sprake van weefselverlies, maar van een hyperfunctie. Dit is een uitzondering van het ectodermale kiemblad. Bij een ernstig scheidingsconflict gaat deze fase vaak gepaard met een verlies van het korte termijngeheugen. Dit geheugenverlies heeft een specifiek doel: het tijdelijk blokkeren van herinneringen aan degene waarvan men gescheiden is, om emotionele pijn en stress te verminderen. Hierdoor probeert het lichaam de geest te beschermen door de situatie tijdelijk te verdringen.
De ziekte van Raynaud wordt daarom in de Nieuwe Duitse geneeskunde beschouwd als een “koude ziekte” en niet als een genezingsfase, omdat de symptomen optreden tijdens de conflictactieve fase. Gedurende deze fase van conflictactiviteit zorgt de verhoogde sympathische activiteit voor een vernauwing van de haarvaten, wat leidt tot een verminderde doorbloeding, vooral in de extremiteiten. Dit verklaart de typische symptomen van koude en verkleuring van vingers en tenen bij deze aandoening.

De symptomen van de conflictactiviteit met betrekking tot het botvlies omvatten een breed scala aan klachten, variërend van tintelingen tot scherpe, stekende pijn, vaak omschreven als een “slaapgevoel” in de armen of benen. Deze neuralgische pijn wordt vaak bestempeld als reuma, vergelijkbaar met acute gewrichtsreuma, en kan ook gepaard gaan met gevoeligheid of pijn bij aanraking.
Bij ernstige of langdurige pijn kan een eigenwaarde-inbreuk conflict ontstaan, waarbij de onderliggende botten betrokken raken. Dit leidt in de genezingsfase tot reumatische pijn. Binnen de Germaanse Nieuwe Geneeskunde (GNM) wordt de combinatie van deze twee Biologische Speciaalprogramma’s aangeduid als het “botsyndroom.”
Wanneer de pijn zich uitstrekt tot het spierweefsel, spreekt men van wekedelenreuma, te vergelijken met fibromyalgie (hangende conflictactiviteit van eigenwaardeinbreuk en motorisch conflict). Het aangedane gebied voelt vaak koud aan, wat wijst op conflictactiviteit gerelateerd aan het botvlies. Daarentegen duidt “hete” spierpijn op een genezingsfase van de spier.
Het verwarmen van het getroffen gebied heeft een kalmerend effect en kan de pijn verlichten, omdat warmte de doorbloeding stimuleert en de sympathische spanning vermindert.
Andere aandoeningen met betrekking tot het botvlies
Alle aandoeningen die verband houden met het botvlies vallen onder de categorie “koude ziekten.” Voor meer informatie verwijs ik graag naar het artikel Koude ziekten op deze website.
Gangreen
Als een intens en langdurig scheidingsconflict aanhoudt, kan dit uiteindelijk leiden tot weefselafsterving, wat resulteert in gangreen. Zelfs na een amputatie van het aangedane ledemaat biedt dit niet altijd verlichting van de pijn. Zolang het individu conflictactief blijft, kan er reumatische fantoompijn optreden. Deze pijn is het gevolg van de voortdurende biologische reactie op het onopgeloste conflict, wat aantoont dat de bron van de pijn niet alleen fysiek, maar ook psychisch en biologisch is.
In de Nieuwe Duitse Geneeskunde wordt fantoompijn gezien als een voortzetting van het Biologische Speciaalprogramma, ondanks de fysieke afwezigheid van het ledemaat. Deze pijn wordt veroorzaakt door een onopgelost conflict dat nog steeds actief is in de psyche en het brein, en daardoor een biologisch signaal blijft genereren. Fantoompijn kan bijvoorbeeld voortkomen uit een scheidingsconflict waarbij de pijnsensaties in het zenuwstelsel blijven bestaan, omdat het conflict niet is verwerkt. Het oplossen van het onderliggende conflict is daarom essentieel om de fantoompijn te verlichten.
Gangreen.
Winterhanden of wintertenen
Tijdens de conflictactieve fase kunnen op het aangedane gebied roodachtig-paarse bultjes verschijnen, vergelijkbaar met het effect van bevriezing. Deze reactie wordt veroorzaakt door blootstelling aan lage temperaturen. De medische term voor deze aandoening is winterhanden of pernio (Latijn voor bevriezing). Bij wintertenen kan de aandoening worden uitgelokt door stress, bijvoorbeeld door een scheidingsconflict, zoals het gevoel gescheiden te zijn of te willen zijn van een bepaalde plek (de grond waarop men loopt). De aandoening kan zowel de boven- als onderkant van de tenen aantasten.
Wintertenen.
Voetulcera en beenulcera
Voetulcera en beenulcera ontstaan wanneer de Zinvolle Biologische Speciaalprogramma’s van zowel het botvlies als de opperhuid gelijktijdig actief zijn, aangezien beide programma’s gekoppeld zijn aan een scheidingsconflict. Tijdens de conflictactieve fase zweren deze huidgebieden, wat resulteert in de vorming van een open gat. Dit komt vaak voor in het gebied van het onderbeen of de enkel, wat symbolisch kan worden gezien als een poging om iemand “weg te trappen” uit een situatie. Of het conflict verband houdt met een moeder/kind-zijde of partnerzijde, hangt af van de handigheid (rechts- of linkshandigheid) van de persoon.
Beenulcera.
Diabetische perifere neuropathie
De botvlieszenuwen maken deel uit van het perifere zenuwstelsel. In de reguliere geneeskunde worden zenuwpijn en gevoelloosheid vaak aangeduid als “perifere neuropathie.” Het heersende idee is dat een hoge bloedsuikerspiegel schade veroorzaakt aan de slagaders, wat “indirect” leidt tot zenuwbeschadiging en resulteert in pijn of verlies van gevoel, vooral in de ledematen. Dit verklaart echter niet waarom niet alle diabetespatiënten deze aandoening ontwikkelen of waarom een verhoogde bloedsuikerspiegel bij de ene persoon bijvoorbeeld de voeten (of slechts één voet of teen) aantast, terwijl het bij een ander de arm(en) beïnvloedt.
Volgens de kennis van de Germaanse Nieuwe Geneeskunde (GNM) is wat men “diabetische perifere neuropathie” noemt, eigenlijk het resultaat van twee gelijktijdig lopende Zinvolle Biologische Speciaalprogramma’s (ZBS). Het eerste ZBS omvat de bèta-eilandcellen van de alvleesklier en is gekoppeld aan een “weerstandsconflict,” wat diabetes veroorzaakt. Het tweede ZBS betreft het botvlies. Bij de benen wordt dit vaak geassocieerd met een conflict van “iemand van je af willen trappen,” meestal een persoon die men niet kan verdragen. Afhankelijk van de intensiteit en duur van het conflict kunnen dit programma leiden tot beenulcera of gangreen.
Voetulcera bij een diabetespatiënt.
Bij diabetische retinopathie zijn twee Zinvolle Biologische Speciaalprogramma’s tegelijkertijd actief. Het eerste ZBS betreft een actief weerstandsconflict dat de bèta-eilandcellen van de alvleesklier beïnvloedt en leidt tot diabetes. Het tweede ZBS betreft een visueel scheidingsconflict dat het netvlies raakt. Dit visuele conflict wordt gekenmerkt door het gevoel van gevaar of angst dat men “achter zich” of “in de nek” niet kan afschudden. Deze combinatie van conflicten verklaart de complexe symptomen die worden waargenomen bij diabetische retinopathie.
Trigeminusneuralgie
Trigeminusneuralgie treedt op wanneer een scheidingsconflict specifiek wordt geassocieerd met het gezicht. Dit kan letterlijk zijn (bijvoorbeeld het verlies van fysiek contact met een wang) of figuurlijk (zoals een “klap in het gezicht”). De aandoening kenmerkt zich door korte maar intense, scherpe “elektrische” pijn langs de nervus trigeminus, die het gezicht van zenuwen voorziet. Deze pijn kan meerdere keren per dag optreden en beperkt zich meestal tot één kant van het gezicht.
Opmerking: De nervus trigeminus heeft zowel sensorische als motorische vertakkingen. Terwijl de sensorische tak betrokken is bij trigeminusneuralgie, kan de motorische tak worden beïnvloed bij aandoeningen zoals aangezichtsverlamming.
Genezingsfase
Bij hypesthesie leidt het verlies van gevoel tot een doof gevoel in het aangedane lichaamsdeel, zoals de handen, armen, benen of voeten. Dit kan worden vergeleken met hypesthesie die verband houdt met de opperhuid, of gevoelloosheid in de onderste ledematen door compressie van een ruggenmergzenuw.
Het kortetermijngeheugenverlies houdt aan tot in de eerste genezingsfase (PCL-A). Tijdens de Epileptoïde Crisis keert de reumatische pijn vaak tijdelijk terug, meestal in de nachtelijke uren. In de tweede genezingsfase (PCL-B) normaliseert de gevoeligheid geleidelijk, op voorwaarde dat er geen conflictrecidieven optreden die opnieuw pijnaanvallen veroorzaken.
Opmerking:
Alle Epileptoïde Crises die worden aangestuurd vanuit de sensorische, postsensorische of premotorisch sensorische cortex gaan gepaard met ontregelde bloedcirculatie, duizeligheid, korte bewustzijnsstoornissen of volledig bewustzijnsverlies (zoals flauwvallen of een “absence”), afhankelijk van de intensiteit van het conflict. Een ander kenmerkend symptoom is een lage bloedsuikerspiegel, veroorzaakt door het overmatige glucoseverbruik van de hersencellen. Dit kan worden vergeleken met hypoglykemie, zoals die optreedt bij de eilandcellen van de alvleesklier.
Met dank aan: Caroline Markolin, PH.D. https: //LearningGNM.com
Arjen Lievers https://www.germaansegeneeskunde.nl/index_ziekten_gnm/
Dr. Geerd Ryke Hamer
Gerelateerde Publicaties



