De zonnebril en zonnebrandcrème.

Een zonnebril kan zeker van pas komen tijdens het autorijden of bij activiteiten in het hooggebergte, zoals wandelen over gletsjers of besneeuwde bergtoppen. In zulke omstandigheden is de intensiteit van het zonlicht en de reflectie op sneeuw of ijs immers bijzonder sterk, wat vermoeiend of schadelijk kan zijn voor de ogen.

In de lage landen is het echter vaak verstandiger om de ogen juist te laten wennen aan het natuurlijke zonlicht. Onze ogen zijn van nature uitgerust om zich aan te passen aan lichtintensiteit, en regelmatige blootstelling aan zonlicht stimuleert deze natuurlijke aanpassing. Bovendien speelt zonlicht een essentiële rol in de aanmaak van vitamine D via de huid, en ook vitamine A wordt beter benut wanneer het lichaam op een natuurlijke manier met zonlicht in contact komt.

Toch kampen veel mensen, zelfs na weken van mooi weer, met een chronisch tekort aan vitamine D. Hoe kan dat? Twee onnatuurlijke gewoontes spelen hierbij een belangrijke rol: het overmatig dragen van een zonnebril en het frequent gebruik van zonnebrandcrème. Beide schermen het lichaam (en met name de huid en ogen) af van essentiële zonnestralen, waardoor de natuurlijke processen die verantwoordelijk zijn voor de synthese van vitamine D en de activering van vitamine A worden verstoord.

Zonlicht dat via de ogen het lichaam binnenkomt, volgt een specifieke neurologische route langs de oogzenuw (nervus opticus) naar verschillende hersenstructuren, waaronder de hypothalamus en uiteindelijk de epifyse — beter bekend als de pijnappelklier. Onze ogen functioneren als een biologische lens die het volledige zonnespectrum opvangt en opsplitst in verschillende golflengtes, elk met hun eigen kleur en frequentie.

Deze lichtfrequenties worden door fotoreceptoren in het netvlies omgezet in zenuwimpulsen, die in de hersenen worden gecodeerd en geïnterpreteerd. Wanneer deze gecodeerde lichtsignalen de pijnappelklier bereiken, fungeert deze klier als een neuro-endocrien communicatiecentrum. Ze verwerkt deze informatie en beïnvloedt op haar beurt hormonale signalen die worden doorgegeven aan diverse organen, klieren en weefsels in het lichaam. Op die manier speelt zonlicht via de ogen een belangrijke rol in de regulatie van onder meer het bioritme, de hormoonhuishouding en het algemeen functioneren van het lichaam.

Elke kleur in het zonnespectrum heeft een specifieke frequentie en dringt op verschillende manieren het lichaam binnen. Zo blijken bepaalde organen en weefsels bijzonder gevoelig te zijn voor specifieke lichtgolven. De bijnieren, die een sleutelrol spelen in onze stressregulatie en energiehuishouding, resoneren sterk met het rode lichtspectrum. Het hartweefsel is gebaat bij geel licht, terwijl de lever bijzonder gevoelig is voor groen licht.

De huid, en dan met name de lederhuid – de laag net onder de opperhuid – reageert op ultraviolette straling door de productie van vitamine D te activeren. Ook speelt zonlicht een rol bij de omzetting en benutting van vitamine A, essentieel voor een gezond gezichtsvermogen, het immuunsysteem en de regeneratie van huidcellen.

In diverse traditionele culturen is men zich al eeuwenlang bewust van deze helende eigenschappen van zonlicht. Het is dan ook geen toeval dat in veel delen van de wereld mensen dagelijks tijdens zonsopgang of zonsondergang met een zachte, open blik naar de zon kijken. Dit zogeheten zonstaren — uiteraard met respect voor de ogen en enkel bij lage zonkracht — revitaliseert zowel de staafjes als de kegeltjes in het netvlies, de fotoreceptoren die verantwoordelijk zijn voor contrast, kleur en scherpte. Zelf beoefen ik dit ook, en ik merk duidelijk hoe mijn zicht helderder en scherper is geworden door deze eenvoudige gewoonte.

Wat veel factcheckers en gezondheidsadviezen over het hoofd zien, is dat zonnebrillen niet alleen zichtbaar licht, maar ook ultraviolette (UV) straling blokkeren. Hoewel dit bedoeld is om de ogen te beschermen tegen overmatige blootstelling, heeft het ook een minder bekende keerzijde: het ultraviolette licht bereikt de oogzenuw (nervus opticus) niet meer via de natuurlijke route. Hierdoor wordt een belangrijk signaalverwerkend circuit in de hersenen verstoord.

Eén van de gevolgen is dat melanocyten — de pigmentproducerende cellen in zowel de opperhuid als de lederhuid — onvoldoende neurologisch signaal ontvangen om melanine aan te maken. Deze pigmentstof is niet alleen verantwoordelijk voor de bruine kleur van de huid, maar speelt ook een essentiële rol in de fotobiologische activatie van vitamine D. Zonder voldoende melanine, én zonder de activering van het lichtgevoelige systeem via de ogen, komt de natuurlijke productie van vitamine D moeizaam op gang — zelfs als de huid wél rechtstreeks wordt blootgesteld aan zonlicht.

Melanine is het pigment dat je huid haar bruine kleur geeft en tegelijkertijd fungeert als een natuurlijke bescherming tegen overmatige blootstelling aan zonnestraling. Naarmate de lente vordert en de zonkracht toeneemt, past het lichaam zich hier op intelligente wijze aan. Dit adaptieve proces verloopt geleidelijk en wordt gestuurd door regelmatige blootstelling aan zonlicht, waarbij het hele fotobiologische systeem in werking treedt.

Ultraviolet licht speelt hierin een sleutelrol. Vooral UV-A-stralen zijn verantwoordelijk voor de directe pigmentatie — de bruine verkleuring van de huid. UV-B-straling, met een kortere golflengte en hogere energie, is essentieel voor de synthese van vitamine D in de huid. Beide vormen van UV-licht dragen dus bij aan gezondheid en bescherming, mits gedoseerd en met respect voor de natuurlijke opbouw van de huid.

Wat vaak over het hoofd wordt gezien, is het kleine deel ultraviolet C (UV-C) dat — ondanks filtering door de atmosfeer — toch het aardoppervlak bereikt. In uiterst geringe hoeveelheden speelt deze krachtige straling een rol in het in balans houden van de bacteriële flora in en op het lichaam. UV-C dringt via de huid binnen in het onderliggende weefsel en heeft, mits niet overdreven, een ondersteunend effect op het gezondheidssysteem en het behoud van een gezonde microbiële balans.

Geen enkel dier in de vrije natuur draagt een zonnebril of smeert zich in met zonnebrandcrème. Toch lijken dieren – net als planten – moeiteloos om te gaan met zonlicht, zonder noemenswaardige schade aan huid of ogen. Dit roept de vraag op waarom juist de mens zich zo massaal is gaan beschermen tegen iets wat van nature essentieel is voor gezondheid en leven. In werkelijkheid verstoren zonnebrandmiddelen en zonnebrillen vaak de natuurlijke intelligentie en zelfregulatie van het lichaam, dat zich geleidelijk aanpast aan zonkracht via pigmentatie, weefselvernieuwing en hormonale sturing.

Wat veel mensen niet weten, is dat huidverbranding uitsluitend veroorzaakt wordt door een overmatige en plotselinge blootstelling aan ultraviolet B (UV-B) straling. De typische zonnebrand – een rode, warme en pijnlijke huid – is op zichzelf niet schadelijk of gevaarlijk, maar kan wél onaangenaam aanvoelen. Na een paar dagen volgt meestal het vervellen van de huid: een teken dat het lichaam de beschadigde opperhuid afstoot en zich via celvernieuwing volledig herstelt. Dit is een volkomen natuurlijk regeneratieproces, waarbij de huid sterker en beter bestand wordt tegen toekomstige blootstelling aan de zon

De pijn die ontstaat bij zonnebrand is er niet zomaar. Ze fungeert als een krachtig signaal van het lichaam om je tijdelijk uit de zon te houden. Precies dat beschermingsmechanisme voorkomt dat je te lang wordt blootgesteld aan ultraviolet A (UV-A), een vorm van straling die dieper doordringt in de huid en daar op termijn schade kan veroorzaken.

Je lichaam regelt dit proces op ingenieuze wijze: doordat UV-B de bovenste huidlagen als eerste bereikt en een duidelijke reactie (roodheid, pijn, warmte) uitlokt, word je instinctief aangemoedigd om beschutting te zoeken of je blootstelling aan de zon te beperken. UV-B is dus de ‘waarschuwende straal’. Je verbrandt nooit direct door UV-A, want UV-B komt altijd eerst – pijnlijk, maar functioneel. Het is een ingebouwd alarmsignaal dat je beschermt tegen onzichtbare schade op dieper niveau.

Het probleem ontstaat wanneer we zonnebrandcrème gebruiken die vooral gericht is op het blokkeren van UV-B-stralen. Dit zijn precies de stralen die nodig zijn om vitamine D aan te maken in de huid. En laat vitamine D nu net een van de krachtigste natuurlijke beschermers zijn tegen zonneschade, ontsteking en zelfs huidveroudering. Door het blokkeren van UV-B ontneemt zonnebrandcrème het lichaam dus de mogelijkheid om zichzelf te versterken en voor te bereiden op zonlicht.

Het gevolg is dat je wel beschermd lijkt tegen de zichtbare symptomen van zonnebrand, maar ongemerkt langer in de zon blijft dan goed voor je is. Omdat UV-A geen directe pijn of roodheid veroorzaakt, krijg je geen waarschuwingssignaal meer. Ondertussen dringt UV-A door tot in de diepere huidlagen, waar het oxidatieve stress, celbeschadiging en vroegtijdige huidveroudering kan veroorzaken. Vaak voel je de gevolgen pas uren of dagen later – en dan is het natuurlijke alarmsysteem al buitenspel gezet.

Er bestaan ook zonnebrandcrèmes die zowel UV-A als UV-B blokkeren, maar ook dat heeft een duidelijke keerzijde. Niet alleen wordt de natuurlijke aanmaak van vitamine D hierdoor volledig stilgelegd, je huid en lichaam blijven bovendien achter met een laag van chemische stoffen die via de huid kunnen worden opgenomen. Deze toxische bestanddelen vormen een extra belasting voor het lichaam en kunnen op lange termijn schadelijke effecten hebben.

De meeste zonnebrandcrèmes bevatten namelijk nanodeeltjes, synthetische filters en andere lichaamsvreemde stoffen. Wat velen niet weten, is dat je huid overdag een totaal andere functie vervult dan ’s nachts. ’s Nachts werkt de huid als uitscheidingsorgaan en helpt ze bij de ontgifting van afvalstoffen. Overdag daarentegen is de huid juist gericht op opname — wat je dan op je huid smeert, kan gemakkelijk via het huidoppervlak in je bloedbaan terechtkomen.

Daarom geldt een eenvoudige maar doeltreffende stelregel: wat je niet op je bord zou leggen, smeer je ook niet op je huid. Zie je jezelf al patatjes serveren met een scheut zonnebrandcrème als saus? Precies. Houd dat beeld in gedachten — het helpt om bewuster om te gaan met wat je je lichaam voedt én waarmee je het insmeert.

Belangrijk om te weten: als je lichaam tijdens de winter en het voorjaar nauwelijks de kans krijgt om geleidelijk te wennen aan zonlicht – bijvoorbeeld doordat je veel binnenshuis werkt – is het verstandig om de felle zomerzon midden op de dag te vermijden. Zoek dan liever de schaduw op en bescherm je huid met lichte, ademende kledij van natuurlijke materialen zoals katoen of linnen. Deze stoffen laten je huid ademen en beschermen zonder het natuurlijke contact met licht volledig af te sluiten.

De ochtendzon en de avondzon zijn in zulke gevallen ideaal, zeker tijdens een vakantie of vrije dagen. Ze bevatten minder UV-B, maar zijn perfect om je huid langzaam opnieuw te laten wennen aan zonlicht en zo op natuurlijke wijze vitamine D aan te maken. Je lichaam heeft tijd nodig om zijn pigmentatie op te bouwen en zich weer af te stemmen op het ritme van de zon.

In plaats van chemische zonnebrandmiddelen kun je beter kiezen voor natuurlijke oliën die huidvriendelijk én zoncompatibel zijn. Denk aan:

  • Kokosolie – werkt verkoelend, voedt de huid intensief en heeft van nature een lichte UV-beschermende werking (SPF ~4–6).

     

  • Jojobaolie – lijkt sterk op de natuurlijke talg van je huid, reguleert de vochtbalans en trekt snel in zonder te verstoppen.

     

  • Frambozenzaadolie – bevat antioxidanten en biedt een lichte bescherming tegen zowel UV-A als UV-B (geschatte SPF ~8–12).

     

  • Wortelzaadolie – rijk aan bètacaroteen en vitamine A, ondersteunt het herstellend vermogen van de huid en versterkt de natuurlijke bescherming tegen zonnestralen.

     

  • Sheaboter – ideaal na zonneblootstelling: kalmeert, hydrateert en ondersteunt het herstel van de huid.

     

Deze natuurlijke oliën houden je huid soepel en gehydrateerd, zonder de opname van zonlicht of de aanmaak van vitamine D te blokkeren. Een belangrijk voordeel: ze zijn allemaal eetbaar. Wat je op je huid smeert, zou je in principe ook op je bord kunnen leggen. Dat is een eenvoudige maar doeltreffende graadmeter voor wat wél of niet lichaamsvriendelijk is.

En onthoud: voel je de zon prikkelen op je huid, of wordt je huid rozig en warm? Dat is je lichaam dat communiceert. Het vraagt om rust of schaduw. Luister naar dat signaal en handel ernaar. Je lichaam weet wat het doet – het is aan jou om erop af te stemmen.

Onthoud dit goed: de zon is niet de oorzaak van huidkanker. Het zijn onze levensstijl, onderdrukte emoties en onverwerkte biologische conflicten die het fundament vormen voor ziekte. Toch wordt zonlicht vaak ten onrechte als boosdoener aangewezen. In werkelijkheid is het niet de zon zelf, maar onze verstoorde omgang met zonlicht – zoals het overmatig gebruik van zonnebrandmiddelen en het chronisch dragen van zonnebrillen – die de natuurlijke beschermingsmechanismen van het lichaam ontregelt. Deze verstoringen kunnen op weefselniveau worden ervaren als een bedreiging, een ‘aanval’ op de huid.

Volgens inzichten uit onder meer de Germaanse geneeskunde en psychosomatiek ontstaan huidaandoeningen vaak vanuit emotionele of biologische conflicten. Zo worden vormen van oppervlakkige huidkanker, zoals plaveiselcelcarcinoom (platenepitheelkanker) en de zogenaamde ‘witte huidkanker’ (basalioom), niet zelden in verband gebracht met scheidingsconflicten: een diep gevoel van afgesneden zijn van contact, verbondenheid of aanraking. Deze vormen treden op in de opperhuid, die in evolutionaire zin verbonden is met ons gevoel van fysieke contacten.

Melanomen daarentegen ontstaan in de lederhuid, waar zich een hoge concentratie melanocyten bevindt – de pigmentproducerende cellen van de huid. Niet toevallig zijn ook aandoeningen zoals pokken, lepra en melanomen vaak donker of bruin van kleur, wat wijst op de betrokkenheid van deze cellen. De kleurverandering is niet alleen een fysiek, maar ook een symbolisch signaal: de huid ‘kleurt’ iets wat innerlijk onbewust of onverwerkt is gebleven.

Wanneer we leren om het zonlicht opnieuw met respect en bewustzijn te benaderen, wordt duidelijk dat de zon zelf geen vijand is, maar juist een bondgenoot van onze gezondheid. Wat nodig is, is geen angst voor de zon, maar inzicht in wat ons werkelijk ziek maakt.

Het biologische conflict dat ten grondslag ligt aan een melanoom draait meestal om een gevoel van aanval, aantasting van de integriteit of een diepe ervaring van bezoedeling. De huid – en met name de lederhuid waarin melanomen ontstaan – is evolutionair gezien nauw verbonden met ons gevoel van bescherming, grenzen en fysieke veiligheid.

Hoewel beschadiging van de lederhuid door ultraviolet A (UV-A) straling vaak wordt aangehaald als oorzaak van melanomen, is dit bij nader inzien slechts een correlatie. UV-A dringt dieper door in de huid dan UV-B, maar het optreden van een melanoom vereist doorgaans een innerlijk, onopgelost conflict dat op cellulair niveau tot aanpassing leidt. Dat blijkt ook uit het feit dat melanomen regelmatig voorkomen op lichaamsdelen die nooit of zelden aan zonlicht worden blootgesteld – zoals onder de voetzolen, in lichaamsplooien of onder de nagels. Een opmerkelijk gegeven, dat op z’n minst vragen oproept over de échte oorzaken.

Een treffend voorbeeld vind je bij mensen die dagelijks in de zon werken, zoals bouwvakkers, tuiniers of boeren. Ondanks hun intensieve blootstelling aan zonlicht, ontwikkelen zij zelden huidkanker. Sterker nog, hun huid past zich door geleidelijke gewenning aan, wordt sterker en dieper gepigmenteerd. Slechts wanneer er sprake is van een diepgeworteld psychisch of emotioneel conflict – bijvoorbeeld een ervaring van aantasting, schaamte of onveiligheid – kan het lichaam reageren met een biologisch zinvol programma, zoals de vorming van een melanoom.

Interessant is ook dat zelfs de onderste laag van de opperhuid, de zogenaamde basale kiemlaag, melanocyten bevat – zij het in mindere mate dan de lederhuid. Dat toont aan dat pigmentcellen op meerdere niveaus meespelen in de perceptie en verwerking van wat het lichaam als bedreiging ervaart. Het is niet de zon die ziek maakt, maar de interpretatie van ervaringen die, wanneer ze onbewust blijven, tot fysieke aanpassing kunnen leiden – vaak daar waar het lichaam bescherming en grensbewaking symboliseert: in de huid.

Gepubliceerd op 28/08/2026

Daniël Derweduwen

Delen:

 

Gerelateerde Publicaties

 

  • Waarom LED-verlichting niet zo onschuldig is als we denken Veel Led-lampen, voornamelijk de goedkope of felwitte Led-lampen stralen licht uit met een hoog aandeel blauw licht, tussen de 400 en 500nn. Dit koude licht verstoort de melatonineproductie, wat je slaapcyclus nadelig beïnvloed. Op lange termijn verstoort het je hormoonbalans. Led-licht heeft een intense impact op het netvlies bij langdurige blootstelling, vooral ‘s avonds of 's nachts. Led-verlichting flikkeren vaak op een hoge frequentie, wat met het blote oog niet zichtbaar is, maar je zenuwstelsel registreert het wel. Dit veroorzaakt vermoeidheid van de ogen en neurologische overbelasting. Veel mensen ervaren hierdoor [...]

    By Published On: 07/05/2025
  • Wat moet je echt vermijden als je kanker en andere chronische aandoeningen hebt? Chronische aandoeningen zijn altijd het gevolg van langdurige intoxicatie en onopgeloste biologische conflicten. Het is volkomen natuurlijk dat het lichaam zichzelf ontgift via symptomen. Dit proces begint vaak met een gewone verkoudheid of andere milde klachten. Het heeft de natuur twee miljoen jaar gekost om een verdedigingssysteem te ontwikkelen dat, in tegenstelling tot het misleidende idee van een immuunsysteem, beter omschreven kan worden als een ontgiftingssysteem voor de algehele gezondheid. Dit systeem reageert op toxines, beschadigde lichaamsweefsels en microben door middel van ontstekingsreacties (inflammatie). Allemaal in het [...]

    By Published On: 29/08/2024
  • Blootsvoets lopen Ongeacht waar je woont en wat voor werk je doet, is de kans groot dat je van 's ochtends vroeg tot 's avonds laat schoenen draagt. Zelfs wanneer we geen schoenen dragen, zijn onze voeten vaak stevig ingepakt in sokken, panty's of pantoffels. Daarnaast hullen we onze voeten maar wat graag in mooi schoeisel. Het liefst met een hoge hak, strakke bandjes of een dikke zool. En als ze niet lekker lopen, leggen we er een extra zooltje in en bij medische klachten laten we zelfs peperdure steunzolen maken. Daar wringt het schoentje, zeg maar. Het is beter [...]

    By Published On: 16/04/2024