Ik geloof in de tien beloften
Zelf kan ik de tien geboden nooit echt voelen, omdat ze in tegenspraak lijken met de universele wet van vrije wil. Zou God ons moeten gebieden? Als God geboden had uitgevaardigd, zouden ze dan niet vanzelf worden gerespecteerd? Waarom zou God iets vurig wensen om vervolgens vanuit zijn zetel toe te kijken hoe het met voeten wordt getreden? Een schepper heerst niet; hij schept en blijft scheppen, net zoals wij dat ook doen. Wij zijn één met God. De tien geboden geloof ik niet in, maar ik geloof wel in de tien beloftes. Dat is het verbond dat ik voel met God.
Ik weet dat ik het pad van God zo goed mogelijk volg. En daarbij voel ik ook dat ik God heb gevonden (omdat ik mezelf heb gevonden), dankzij de tien beloftes, en deze kan ik kiezen.
Belofte 1: Ik kies ervoor om van God te houden met heel mijn hart, verstand en ziel. Het gaat mij niet om macht over een ander, maar om macht mét een ander, door de ander te verheffen. Het gaat er ook niet om succes, geld of enig symbool ervan te aanbidden. Niet omdat deze onwaardig zijn, maar omdat ik eraan ontgroeid ben. Zo weet ik dat ik op het pad van God ben, waardoor ik verbinding ervaar. Heb het vertrouwen dat ik nooit iets tekortkom. Succes en geld zijn bijproducten geworden omdat ik het goddelijke en de mens op nummer één zet. Dat maakt mij gelukkig.
Belofte 2: Ik kies ervoor om de naam van God nooit ijdel te gebruiken. Daarbij begrijp ik de macht van woorden en gedachten, en is het onmogelijk om God op een ongoddelijke wijze aan te roepen. Dit kan niet als ik God in mezelf heb gevonden. Dat weet ik, en zo kan ik mezelf waarderen, respecteren en onvoorwaardelijk liefhebben.
Belofte 3: Ik kies ervoor om een dag voor God te reserveren die ik heilig vind. Zodanig dat ik niet langer in de illusie blijf, maar me kan herinneren wie en wat ik werkelijk ben. Ik ontdekte dat elke dag, elk moment heilig is in alles wat ik ook doe.
Belofte 4: Ik kies ervoor om mijn ouders te eren. Daarmee weet ik dat ik ook de zoon of dochter van God ben. Omdat ik vader/moeder-God eer in alles wat ik doe, zeg of denk, en vader/moeder mij het leven heeft gegeven, zal ik iedereen kunnen eren. Dat vind ik mooi en het maakt me blij en tevreden.
Belofte 5: Ik weet dat ik God heb gevonden omdat ik ervoor kies niet te moorden (bewust doden zonder reden bedoel ik). Omdat ik begrijp dat ik nooit iemands leven kan beëindigen (want alle leven is eeuwig), kies ik ervoor om geen enkele levensvorm te vernietigen of enige levensenergie over te zetten van de ene vorm in de andere, zonder de meest gewijde rechtvaardiging. Deze eerbied voor het leven zorgt ervoor dat ik alle levensvormen, inclusief planten, dieren, en bomen, zal eren en ze alleen wens te beïnvloeden wanneer dat ten hoogste goed is. Deze verbinding met mezelf, de natuur, het goddelijke en alle mensen zorgt ervoor dat ik nooit eenzaam ben.
Belofte 6: Ik kies voor de zuiverheid van liefde en zal deze niet ontheiligen door bedrog, overspel of oneerlijkheid, want dat zijn allemaal vormen van overspeligheid. Als ik God en onvoorwaardelijke liefde in mezelf heb gevonden, wordt het onmogelijk om dit soort overspel te plegen.
Belofte 7: Ik kies ervoor om niets te nemen wat niet van mij is, noch om vals te spelen, samen te spannen, noch een ander te schaden om iets in bezit te krijgen, want dat zou diefstal zijn. Door het goddelijke in mezelf zal ik niet stelen. Waarom zou ik? Dat geeft vrijheid, want ik hoef niet te concurreren en kan gewoon mezelf zijn.
Belofte 8: Ik kies ervoor om de waarheid te spreken en kan op deze manier geen valse getuigenis afleggen. Zo heb ik nooit een schuldgevoel.
Belofte 9: Ik kies ervoor om te weten dat alle mensen mijn partners zijn. Dan hoef ik de partner van mijn naaste nooit te begeren. Zo kan ik iedereen onvoorwaardelijk liefhebben.
Belofte 10: Ik kies ervoor om in te zien en te begrijpen dat alle eigendom de wereld toebehoort. Waarom zou ik het eigendom van mijn naaste begeren als ik weet dat overvloed een natuurwet is en ik nooit iets tekortkom? Dat geeft een rustig gemoed en een blij hart.

Als ik al deze tekenen zie en ervaar, weet ik dat ik het pad naar goddelijkheid heb gevonden. Het is dan onmogelijk dat ik mezelf, mijn medemens of God zou kunnen schaden met iets dergelijks. Deze tien beloftes zijn mijn vrijheden, maar niet mijn beperkingen. Het zijn mijn beloftes, niet mijn geboden, want God deelt geen geboden uit aan hetgeen hij heeft geschapen. Zo kan ik altijd thuiskomen, want God zou mij nooit bevelen, nooit straffen. Alleen ik ben en hoef me niet aan de tien geboden te houden. De tien beloftes zijn de wegen van GOD.
Gerelateerde Publicaties



